Sven Serré zwaait af als umpire

Officials

Sven Serré zwaait af als umpire

Na 31 jaar hangt Sven Serré zijn scheidsrechtersuniform aan de haak. Zijn laatste optreden als umpire vond plaats tijdens de World Tour Finals van 13 tot 17 december 23 in Hangzhou, China. Lees zijn persoonlijke terugblik op zijn indrukwekkend parcours.

 

Alles begon in 1992. Mijn toenmalige club, Tienen BC, had nood aan een clubscheidsrechter. Samen met Frank en Marco begon ik aan de opleiding die gegeven werd door wijlen Paul Mertens en Guido Melis. We waren met een tiental en kwamen samen in de militaire sporthal van Duisburg. Na de eerste theorieavond viel een eerste clubgenoot af en op het einde van de theorieopleiding stopte ook mijn tweede clubmakker. Het praktijkgedeelte was fun en ik besloot om door te gaan. Ik behaalde op het provinciaal kampioenschap van Vlaams-Brabant mijn eerste brevet als scheidsrechter. Dank aan mijn mentoren van het eerste uur om mij te motiveren om deze mooie functie uit te oefenen.

Ik was heel veel onderweg en op het nationale niveau kwam ik onder de vleugels van Marcel Pierloot en Nicole De Boeck terecht. Twee warme persoonlijkheden die mij hun ervaringen wilden delen en doorgeven. Dit was echter niet zo voor iedereen want sommigen zagen mij als een ‘bedreiging’ in de zin van – wat denkt dat ventje wel niet! Wel, in 1995 behaalde ik mijn nationaal scheidrechtersbrevet, met dank aan Marcel en Nicole. In 1996 mocht ik voor de eerste keer naar het buitenland in Nitra, Slovakije. Samen met wijlen Hubert Housen, een Limburgs icoon uit de jaren negentig, reden we met de auto naar Nitra heen en terug. Dit was ook het weekend dat Johan Museeuw wereldkampioen werd op de weg. Waarom haal ik dit specifiek aan, wel omdat dit prachtige herinneringen zijn!

In 1998 deed ik voor de eerste keer mijn examen als Europees scheidsrechter, toen nog bij de EBU, European Badminton Union. De laatste match werd mij fataal, mijn stijl desondanks correcte beslissingen, zinden de examinatoren niet en ik slaagde niet. Het ergerde mij verschrikkelijk dat er zelfs geen uitleg aan te pas kwam en dus moest ik even enkele maanden herbronnen. Ik leerde wat veerkracht is en zou met mijn stijl, maar wel volgens de geldende standaarden, stap na stap naar de top zetten. Ik wil hier in het bijzonder Bert Vanhorenbeeck bedanken. Sommigen binnen de VBL – Vlaamse Badminton Liga – wilden ons tegen elkaar uitspelen, maar wij werden de beste vrienden, hielpen elkaar en gaven elkaar feedback om onze stijlen en acties op het terrein te verbeteren en de spelers op de best mogelijke fair-play en correcte manier te scheidsrechteren.

In januari 2001 slaagde ik zonder problemen in mijn examen en werd ik EBU certificated umpire. Ruim 20 jaar geleden was er slechts één niveau, nu zijn er 2 niveaus in Europa, het accredited level en het certificated level. In 2004 werd ik uitgenodigd om mijn examen als IBF – International Badminton Federation, nu BWF, af te leggen. Om persoonlijke en professionele redenen kon ik echter niet afreizen naar Vancouver, Canada. In 2006 was het wel zover. In Incheon, Zuid-Korea, werd ik BWF Accredited umpire. Toen ik terugkwam stonden alle Belgische scheidsrechters mij op te wachten op Zaventem, het werd een mooi feestje! Er kwamen artikels in de kranten en Gazet van Antwerpen schreef het volgende: “Ik wil naar de Olympische Spelen!’.

De weg naar de Olympische Spelen is echter niet zo voor de hand liggend. Hiervoor moest je tot de Top 24 in de wereld behoren en BWF Certificated zijn. In 2009 was het zover. In Hyderabad, India, tijdens mijn eerste individuele wereldkampioenschappen werd ik beloond met het allerhoogste niveau als scheidsrechter. Willy Van Delsen schonk mij een prachtige kader met het niveau A0, een kader die ik heel veel koester en een centrale plaats heeft in mijn bureau. Hier wil ik ook Willy van harte bedanken, want hij is gedurende ontelbare jaren mijn trouwste rechterhand geweest binnen de scheidrechterscommissie Badminton Vlaanderen, maar ook binnen de Koninklijke Belgische Badminton Federatie voor de nationale competitie.

Juni 2011, ik ben in de Verenigde Staten en ik krijg een email van Selena van de BWF …..ik ben geselecteerd voor de Olympische Spelen van London. Op het allerhoogste niveau is er een soort van niet geschreven hiërarchie die bepaalt of je in aanmerking komt voor een kwart- of halve finale of een medaillewedstrijd. Dit kon mijn illustere voorganger, wijlen Marc Lebon, ook aan den lijve kunnen ervaren. Hij stopte indertijd, ontgoocheld na zijn Olympische Spelen in Atalanta 96. Voor mij waren deze eerste Olympische Spelen een unieke ervaring, niet weg te branden uit mijn geheugen, met een bronzen medaillewedstrijd heren enkel als orgelpunt op de laatste dag van de Olympische badmintonkalender. Een zekere Torsten Berg nam mij apart en zei me dat ik in de komende jaren het umpire landschap zou gaan domineren. Na zulke boodschap denk je wel even na, want hoe vul je dit dan in. Voetjes op de grond dus en blijven perfectioneren om proberen om tot de absolute top door te groeien. Ondertussen had Badminton Europe mij ook gevraagd om deel uit te maken van het Umpire Assessment panel om toekomstige umpires te evalueren en op te leiden.

Het was echt nagenieten na London. In 2013 deed ik een gooi naar een zetel binnen het Belgisch Olympisch en Interfederaal Comité, een wens die ik al had sinds mijn prille jeugd, maar ook en vooral omdat ik vond dat het BOIC met weinig respect omgegaan was met de technical officials in London. En zo geschiedde, ik werd als volkomen onbekende verkozen op basis van mijn programma en open communicatie.

 

In 2014 had ik een eerste hoogtepunt als umpire……..men’s singles final op de World Championships in Denemarken tussen Lee Chong Wei (Malaysia) en Chen Long (China), de nummers 1 en 2 van de wereldranking op dat ogenblik. 50 minuten verder en een 2 games win van Chen Long lieten Lee met een kater achter, want weeral geen wereldkampioen. Een fantastische speler en carrière, maar nooit wereldkampioen, noch Olympisch kampioen. Dat is de harde realiteit van topsport, maar ook voor de umpire. Altijd op en top klaar zijn voor elke wedstrijd, de spelers verdienen dit. Wij moeten als amateurs professioneel handelen met respect voor de spelers, welke ook het niveau, van club tot wereldkampioen.

Bert ging naar de Olympische Spelen van Rio en ik bleef scheidsen op het hoogste niveau met enkele uitschieters zoals de heren dubbel finale van de Thomas Cup met Denemarken als eerste en enige Europees land als wereldkampioen bij de Men’s Teams in 2016. Tijdens de Sudirman Cup in Goldcoast, Australia was ik geselecteerd voor 3 finales……en vermits het tot 3-2 ging ten voordele van Zuid-Korea tegen China kon ik ze ook alle 3 doen…..een unicum. In 2018 mocht ik terug aan de bak als scheidsrechter van de gemengd dubbel finale in Nanjing, China. In een stadium met 18-duizend toeschouwers - je leest het goed – kroonden Zhang en Huang zich tot wereldkampioen. En 2019 was fantastisch met de heren enkel finale van de All England tussen Viktor Axelson en Kento Momota, gewonnen door Momota in 3 games en 84 minuten, inclusief de hardste smash in een wedstrijd door Viktor met 419 km/uur, een wereldrecord!

Ik heb het dan nog niet gehad over het EK Gemengde Landenteams in Leuven in 2015, de vele YONEX Belgian Internationals in Mechelen bij mijn huidige thuisclub De Nekker en Leuven – toch wel gezien als de beste challenge in het Europese circuit – en de Qualifiers voor het EK Gemengde landenteams in Aartselaar in het midden van de Corona-periode. Allemaal momenten die ik erg koester! De Covid-periode was moeilijk, maar toch ging ik naar EK’s om onze umpires te blijven evalueren en te examineren. Je moest er veel voor over hebben, Covid-testen en 72-uren quarantaine bv. Het is tijdens één van die momenten dat ik besliste om mij kandidaat te stellen voor de verkiezingen van de Wereldfederatie.

In 2019 was ik reeds verkozen als bestuurder van Badminton Europe en ik voelde dat ik langzaam aan een natuurlijke carrièreswitch aan het beleven was. En zo geschiedde, vorig jaar werd ik verkozen tot voorzitter van Badminton Europe en kwam er steeds meer druk op mijn scheidsrechteren. Met de Indonesian Open (2022) en de Malaysian Open (2023), beiden World Tour 1000 – het hoogste niveau binnen de World Tour en gezien als de Grand Schelem van het badminton – kon ik samen met de China Open (2016) en de All England Open (2019) – dit fantastische kwartet als eerste umpire ooit met finales in alle 4 toptornooien ronden. Reken daar ook nog eens de Youth Olympic Games in Buenos Aires, Argentinië bij en de Olympische Spelen van Tokyo en je begrijpt dat het tijd was om te stoppen!

Ik heb zoveel mooie herinneringen aan mijn scheidsrechteren in België en in het buitenland. Ik ben tot nu toe in 50 landen geweest voor badminton en heb zoveel vrienden kunnen maken dat het te mooi voor woorden is. Zo’n carrière is uiteindelijk niet mogelijk zonder de steun van je familie en dus gaat mijn grootste dank uit naar mijn vrouw Françoise die mij sinds mijn eerste stappen in 1992 altijd gesteund heeft, chapeau!  Ook zonder de steun van Badminton Vlaanderen en de KBBF zou het niet mogelijk geweest zijn. Bedankt ook aan Nicole, Bert, Marcel en Willy voor de vriendschap en steun.

De komende jaren zullen jullie mij nog terugzien als examinator van de Umpire Assessments Panels van BEC en BWF, maar ook als voorzitter van Badminton Europe. Heel drukke agenda, maar voor altijd met een hart voor de technical officials.

 

Hartelijk dank Sven voor wat jij hebt bijgedragen aan de Belgische badmintonwereld! Chapeau voor al jouw verwezenlijkingen en succes in alles wat je verder onderneemt!

« Terug